De overgang naar 2026 is op verschillende plaatsen in het land ernstig uit de hand gelopen. Zwaar vuurwerk, brandstichting en geweld tegen hulpverleners zorgden voor een uitzonderlijk zware nacht voor politie, brandweer en ambulancepersoneel. Volgens plaatsvervangend korpschef Wilbert Paulissen was de inzet “maximaal” en moest de Mobiele Eenheid al vroeg op de avond ingrijpen.
Door het afsteken van zwaar illegaal vuurwerk vielen twee dodelijke slachtoffers in Nijmegen en Aalsmeer. Ook elders kwamen mensen om het leven door andere incidenten tijdens de nieuwjaarsviering. Daarnaast liepen meerdere personen, onder wie politiemensen, gehoorschade of andere verwondingen op.
De schade in diverse steden was groot. De Vondelkerk in Amsterdam en een sporthal in Bedum werden door brand verwoest. In andere plaatsen werden agenten bekogeld met molotovcocktails, zwaar vuurwerk en stenen. Verschillende politievoertuigen raakten beschadigd. In totaal hield de politie circa 250 personen aan.
De intensieve inzet vroeg veel van de hulpdiensten. Door de vele brandmeldingen raakte noodnummer 112 kort na middernacht overbelast, waarna een NL-Alert werd verstuurd met het verzoek alleen nog te bellen bij acuut levensgevaar. De meldkamers werkten op maximale capaciteit. Positief was dat het communicatiesysteem C2000, dat vorig jaar problemen veroorzaakte, dit keer zonder grote storingen functioneerde.
De politie experimenteerde tijdens de jaarwisseling met grotere bussen pepperspray en de mogelijkheid tot inzet van een traanverwekkende stof in waterwerpers. Laatstgenoemde is niet gebruikt. De effecten van de pilot worden later geëvalueerd.
Paulissen spreekt van een nacht waarin hulpverleners te vaak doelwit waren: “Het is bizar om te zien hoe sommigen geweld uitlokken, soms zelfs gemaskerd. Respecteer ons werk en laat ons onze taak uitvoeren. Agressie en geweld horen niet bij een feest.”








